ECLI:NL:CRVB:2010:BP0975
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om voorlopige voorziening wegens niet-nakoming doorzendplicht bij aanvraag bijstand
Verzoeker, een meerderjarige vreemdeling van Chinese nationaliteit, diende op 6 januari 2009 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning en meldde zich op 22 januari 2009 bij het Centrum voor Werk en Inkomen te Rotterdam voor bijstand. Het College wees de aanvraag bijstand af op 26 februari 2009 en verklaarde het bezwaar hiertegen op 4 juni 2009 ongegrond. De voorzieningenrechter van de rechtbank vernietigde dit besluit op 25 augustus 2009 wegens onzorgvuldigheid en bepaalde dat het College een nieuw besluit moest nemen.
Op 24 februari 2010 nam het College een nieuw besluit op bezwaar en wees de aanvraag opnieuw af, ditmaal omdat verzoeker zijn woonsituatie niet duidelijk had gemaakt, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Verzoeker stelde dat het College de doorzendplicht uit artikel 2:3 Awb Pro had geschonden door zijn aanvraag niet door te zenden naar een centrumgemeente.
De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat verzoeker zijn feitelijke verblijfplaats niet had opgegeven, waardoor het College niet kon bepalen welk bestuursorgaan bevoegd was. Daarom kon niet van het College worden verlangd de aanvraag door te zenden. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.