ECLI:NL:CRVB:2010:BO9951
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld wegens geschiktheid voor werk ondanks psychische klachten
Appellant ontving naast een gedeeltelijke WAO-uitkering een WW-uitkering en meldde zich op 29 december 2008 ziek, waarna hem een ZW-uitkering werd toegekend. Het UWV beëindigde deze uitkering per 9 februari 2009 omdat appellant zijn werk weer kon verrichten. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze beslissing ongegrond, stellende dat er geen aanwijzingen waren dat zijn psychische klachten waren toegenomen sinds de herziening van de WAO-uitkering.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de situatie die leidde tot zijn dagbehandeling van mei tot juli 2009 zich ook al op 9 februari 2009 voordeed en overhandigde nieuwe medische rapportages ter onderbouwing. De Raad oordeelde dat deze nieuwe informatie geen betrekking had op de relevante datum en onvoldoende duidelijkheid bood over de aard en beperkingen van de klachten. De Raad onderschreef daarmee het oordeel van de rechtbank.
Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant op 9 februari 2009 zijn werk kon verrichten en wijst het hoger beroep af.