ECLI:NL:CRVB:2010:BO9045
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- C. van Viegen
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-behandeling aanvraag bijstand wegens onvoldoende gegevens
Appellant en zijn echtgenote dienden een aanvraag om bijstand in bij het College van burgemeester en wethouders van Gouda. Het College gaf aan niet over voldoende gegevens te beschikken om de aanvraag te beoordelen en verzocht om aanvulling binnen tien werkdagen. Appellant en zijn echtgenote reageerden niet op dit verzoek.
Hierop besloot het College de aanvraag niet te behandelen op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat ongegrond werd verklaard. In hoger beroep stelde appellant dat psychische problemen hem belemmerden om tijdig te reageren, maar de Raad vond de medische stukken onvoldoende om dit te onderbouwen.
De Raad oordeelde dat de gevraagde gegevens noodzakelijk waren voor een goede beoordeling en dat appellant en zijn echtgenote redelijkerwijs over deze gegevens konden beschikken. Omdat zij niet binnen de gestelde termijn hadden aangevuld en geen verzoek om uitstel hadden gedaan, was het besluit tot niet-behandeling terecht. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-behandeling van de aanvraag bevestigd.