ECLI:NL:CRVB:2010:BO7874
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Compensatie eigen risico geweigerd wegens onvoldoende aflevering medicatie
Betrokkene vroeg compensatie van het eigen risico voor 2008 aan bij CAK, welke werd afgewezen omdat niet aan de voorwaarden werd voldaan. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en vernietigde het besluit, stellende dat betrokkene in 2006 en 2007 in een Farmaciekostengroep (FKG) was ingedeeld op basis van minimaal 180 standaarddagdoseringen (DDD).
CAK ging in hoger beroep en stelde dat de rechtbank onzorgvuldig had geoordeeld en dat uit gegevens bleek dat in 2007 niet meer dan 180 DDD waren afgeleverd. Betrokkene stelde zich achter de rechtbank en voerde aan dat medicatie die in een eerder jaar was afgeleverd, maar nog niet gebruikt, aan het volgende jaar moet worden toegerekend.
De Raad oordeelde dat CAK niet onzorgvuldig had gehandeld en dat betrokkene onvoldoende feitelijke gegevens had aangeleverd om het bezwaar te onderbouwen. Wel werd vastgesteld dat betrokkene ten onrechte niet was gehoord, waardoor het besluit van 25 februari 2009 vernietigd werd. De Raad stelde echter vast dat betrokkene in 2006 niet meer dan 180 DDD had ontvangen, waardoor niet aan de voorwaarden voor compensatie werd voldaan.
De Raad verwierp het betoog dat medicatieafgifte uit eerdere jaren aan 2006 toegerekend kon worden en bevestigde dat de maatstaf de feitelijke aflevering door de apotheek is. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven daarom in stand. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van CAK wordt gegrond verklaard, het besluit van 25 februari 2009 wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand vanwege onvoldoende medicatieafgifte in 2006.