ECLI:NL:CRVB:2010:BO6481
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- C.P.J. Goorden
- R.P.T. Elshoff
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid ondanks spasticiteit
Appellante, geboren in 1957 en werkzaam als juridisch medewerker, vroeg op 31 maart 2007 een Wajong-uitkering aan vanwege spasticiteit die sinds haar geboorte aanwezig is. Een verzekeringsarts stelde beperkingen vast en een arbeidsdeskundige beoordeelde haar arbeidsongeschiktheid op minder dan 25%, wat onvoldoende is voor een uitkering. Het UWV wees de aanvraag af en ook het bezwaar werd ongegrond verklaard.
De rechtbank bevestigde het besluit en appellante ging in hoger beroep. Zij voerde aan dat het UWV het maatmaninkomen onjuist had vastgesteld, omdat zij vergeleken moest worden met een gezond persoon met vergelijkbare opleiding en ervaring die een functie met schaal 11 zou vervullen, wat een hogere arbeidsongeschiktheid zou opleveren.
De Raad overwoog dat het Schattingsbesluit niet in strijd is met de Wajong en dat het UWV terecht uitging van functieschaal 9, aangezien het niet ongewoon is dat een gezond persoon met haar achtergrond in die schaal is ingedeeld. De Raad verwierp de bezwaren en bevestigde de eerdere uitspraak, waarmee de afwijzing van de uitkering stand hield.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de Wajong-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid en correcte vaststelling van het maatmaninkomen.