ECLI:NL:CRVB:2010:BO6126
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- H. Bolt
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering na herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellant, die sinds 2001 wegens psychische problematiek arbeidsongeschikt was, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering toegekend. Na een herbeoordeling in 2005 werd deze uitkering ingetrokken omdat appellant geschikt werd geacht voor de maatgevende arbeid. In 2007 herbeoordeelde het UWV de arbeidsongeschiktheid opnieuw en weigerde de WAO-uitkering, waarbij werd afgezien van een arbeidskundig onderzoek gezien de geschiktheid voor de maatgevende arbeid.
Appellant maakte bezwaar tegen deze weigering, maar het UWV verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant eveneens ongegrond en oordeelde dat het bestreden besluit gebaseerd was op een deugdelijke medische en arbeidskundige grondslag.
De Centrale Raad van Beroep heeft het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Raad acht het medisch onderzoek voldoende diepgaand en zorgvuldig, en ziet geen noodzaak voor een psychiatrische expertise. De bezwaarverzekeringsarts vond geen aanwijzingen voor psychische klachten ten tijde van de beoordeling. Ook de arbeidskundige rapportage toonde aan dat appellant geschikt was voor de maatgevende functie. Appellant leverde geen nieuwe medische gegevens die het oordeel konden ondermijnen. De Raad bevestigt daarmee de weigering van de WAO-uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering na een zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling.