ECLI:NL:CRVB:2010:BO3948
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering na verkeersongeval gegrond verklaard door de Centrale Raad van Beroep
Betrokkene kreeg na een verkeersongeval in 1993 een WAO-uitkering toegekend vanwege whiplashklachten met een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. In 2008 herzag het UWV deze uitkering op basis van medisch onderzoek en stelde de arbeidsongeschiktheid vast op 15-25%. Betrokkene maakte bezwaar tegen deze herziening, maar dit werd door het UWV ongegrond verklaard.
De rechtbank Amsterdam oordeelde echter dat het besluit op bezwaar op een ondeugdelijke medische grondslag was gebaseerd, met name vanwege onvoldoende motivering voor het vervallen van een urenbeperking en het niet aannemen van beperkingen in hand- en vingergebruik. De rechtbank vernietigde het besluit en beval een nieuw besluit op bezwaar.
In hoger beroep stelde de Centrale Raad van Beroep vast dat het UWV toereikend medisch onderzoek had verricht, waaronder een rapport van een bezwaarverzekeringsarts en een neurologisch rapport uit 1998. De Raad oordeelde dat de medische gegevens geen aanleiding geven tot twijfel aan de medische grondslag en dat de urenbeperking en beperkingen in hand- en vingergebruik terecht waren komen te vervallen.
De Raad concludeerde dat de aangevallen uitspraak van de rechtbank onjuist was en verklaarde het beroep van betrokkene tegen het besluit op bezwaar ongegrond. De herziening van de WAO-uitkering is daarmee bevestigd en de eerdere uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene tegen het besluit op bezwaar wordt ongegrond verklaard en de herziening van de WAO-uitkering bevestigd.