ECLI:NL:CRVB:2010:BO3771
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van uitspraak Centrale Raad van Beroep inzake vergoeding kosten rechtsbijstand
De erven van betrokkene hebben bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een eerdere uitspraak van 24 februari 2010, waarin hun hoger beroep tegen het College voor zorgverzekeringen werd afgewezen. De Raad bevestigde eerder dat geen vergoeding van kosten voor rechtsbijstand hoefde te worden toegekend omdat niet was gebleken dat de rechtsbijstand beroepsmatig was verleend.
Verzoekers verwezen naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 21 oktober 2009, stellende dat ook een niet-beroepsmatige rechtsbijstandverlener recht geeft op vergoeding. De Raad stelde vast dat deze uitspraak niet vergelijkbaar was met de onderhavige zaak en bovendien al bekend was ten tijde van de eerdere uitspraak.
De Raad benadrukte dat het bijzondere rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is om een hernieuwde discussie te voeren of de juistheid van de uitspraak aan te vechten op basis van nieuwe argumenten. Gezien deze overwegingen werd het verzoek om herziening afgewezen.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 12 november 2010, waarbij de voorzitter en leden unaniem het verzoek afwezen.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep wordt afgewezen.