ECLI:NL:CRVB:2010:BO3285
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen de intrekking van haar WIA-uitkering door het UWV, omdat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% zou zijn vastgesteld. De rechtbank Roermond verklaarde het beroep ongegrond en onderschreef de medische en arbeidskundige beoordeling van het UWV.
In hoger beroep voerde appellante aan dat haar beperkingen waren onderschat en dat een urenbeperking geïndiceerd was. Zij overlegde aanvullende medische informatie en betwistte de geschiktheid van de functies die haar waren toegewezen. De Centrale Raad van Beroep heeft echter geoordeeld dat de medische en arbeidskundige gegevens volledig en juist zijn, en dat er geen aanwijzingen zijn om de vastgestelde beperkingen te betwijfelen.
De Raad concludeerde dat de medische informatie betrekking had op een datum na 1 september 2000 en geen bewijs leverde dat appellante om medische redenen minder uren was gaan werken per die datum. Ook achtte de Raad de functies medisch geschikt. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de intrekking van de WIA-uitkering bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de WIA-uitkering bevestigd.