ECLI:NL:CRVB:2010:BO3244
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering naar 65-80% arbeidsongeschiktheid
Appellante, werkzaam als applicatiebeheerder, viel in mei 2005 uit wegens psychische klachten. Haar WAO-uitkering, oorspronkelijk berekend op 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid, werd bij besluit van augustus 2008 herzien naar 65 tot 80%.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze herziening ongegrond, stellende dat het UWV de medische beperkingen van appellante zorgvuldig en navolgbaar had vastgesteld aan de hand van een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) en dat de arbeidskundige beoordeling passend was. Appellante voerde in hoger beroep aan dat de rechtbank onvoldoende medische kennis had en dat een onafhankelijk medisch deskundige benoemd moest worden.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat de rechtbank terecht tot haar oordeel is gekomen. Er zijn geen aanwijzingen dat het UWV de beperkingen heeft onderschat of onzorgvuldig is geweest. De Raad ziet geen noodzaak tot het benoemen van een medisch deskundige en acht de arbeidskundige rapporten voldoende gemotiveerd.
Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening van de WAO-uitkering naar 65-80% arbeidsongeschiktheid bevestigd.