ECLI:NL:CRVB:2010:BO1700
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- M. Greebe
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om wraking van rechters in hoger beroep tegen UWV-besluiten
Verzoekers hebben hoger beroep ingesteld tegen uitspraken van rechtbanken inzake besluiten van het UWV. Tijdens de procedure verzochten zij de wraking van drie rechters wegens vermeende vooringenomenheid en partijdigheid.
De Raad overwoog dat wraking alleen gegrond is bij feiten of omstandigheden die de rechterlijke onpartijdigheid kunnen schaden. De aangevoerde argumenten, waaronder het niet weigeren van een gemachtigde van het UWV en eerdere uitspraken waarin het UWV voldoende bewijs leverde ondanks het ontbreken van mandagenregisters, bieden geen aanleiding voor wraking.
De Raad benadrukte dat het oordeel over bewijs per individuele zaak wordt gegeven en dat de brief aan partijen over bewijslastverdeling geen vooringenomenheid inhoudt. De algemene beschuldigingen van corruptie en incompetentie zijn niet onderbouwd. Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en de procedure voortgezet.
Uitkomst: Het verzoek om wraking van de rechters wordt afgewezen wegens gebrek aan gegronde aanwijzingen voor vooringenomenheid.