ECLI:NL:CRVB:2010:BO0503
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstandsaanvraag wegens onjuiste grondslag
Appellante heeft op 10 april 2007 bijstand aangevraagd, maar deze aanvraag werd aanvankelijk buiten behandeling gesteld. Na bezwaar werd de aanvraag alsnog in behandeling genomen en bijstand toegekend met ingang van 16 april 2007. Desondanks wees het College een latere aanvraag van 20 juni 2007 af, omdat men uitging van het onjuist geachte uitgangspunt dat de eerdere aanvraag buiten behandeling was gesteld.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep tegen het besluit van 17 september 2007 ongegrond, maar appellante ging hiertegen in hoger beroep. De Raad oordeelt dat het besluit van 18 november 2008, waarbij bijstand met terugwerkende kracht werd toegekend, een reactie is op de aanvraag van 10 april 2007. Hierdoor ontbreekt een deugdelijke grondslag voor het besluit van 24 juli 2007 en het daarop gebaseerde besluit van 17 september 2007.
De Raad vernietigt daarom de aangevallen uitspraak en de besluiten van 17 september 2007 en 24 juli 2007. Tevens veroordeelt de Raad het College in de kosten van appellante en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit van 17 september 2007 wordt vernietigd en het besluit van 24 juli 2007 wordt herroepen.