ECLI:NL:CRVB:2010:BN8835
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beleidsvrijheid college bij aanwijzing briefadres voor dak- en thuisloze bij bijstandsuitkering
Verzoeker ontving sinds 1995 bijstand en verloor zijn vaste woonadres door ontruiming in april 2009, waarna hij zwervend werd en geen briefadres had. Het college stelde hem verplicht zich te registreren bij de GBA of een briefadres aan te nemen, en trok een toeslag van 20% in wegens het ontbreken van een vaste verblijfplaats.
Na bezwaar werd de verplichting aangepast tot aangifte van een door het college ter beschikking gesteld briefadres, het adres van een opvang voor dak- en thuislozen. Verzoeker verzette zich hiertegen, maar de voorzieningenrechter oordeelde dat het college beleidsvrijheid heeft bij de keuze van het briefadres en dat de verplichting niet inhoudt dat verzoeker in de opvang moet verblijven.
Het college schortte en trok vervolgens de bijstandsuitkering in omdat verzoeker niet aan de verplichtingen voldeed. De Raad bevestigde dat het college bevoegd was tot opschorting en intrekking op grond van de WWB, omdat actuele en verifieerbare gegevens over woonplaats essentieel zijn voor het recht op bijstand.
De Raad oordeelde dat de beleidsregels omtrent de toeslag niet kennelijk onredelijk zijn en dat verzoeker onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zijn situatie bijzondere woonkosten rechtvaardigt. De hoger beroepen van verzoeker werden afgewezen en de bestreden uitspraken bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het college terecht het briefadres van de opvang voor dak- en thuislozen kan aanwijzen en dat de intrekking van toeslag en bijstandsuitkering conform de WWB is.