ECLI:NL:CRVB:2010:BN7236
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens ontbreken arbeidsongeschiktheid op 17-jarige leeftijd
Appellant verzocht in 2007 om een Wajong-uitkering wegens psychische klachten sinds jeugdige leeftijd. Het UWV wees dit af omdat appellant op zijn 17e jaar niet arbeidsongeschikt was volgens de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en er geen nieuwe feiten waren die het eerdere besluit uit 1993 konden herzien.
Appellant voerde aan dat hij al op zijn 17e volledig arbeidsongeschikt was en overhandigde rapporten van een psycholoog en bedrijfsarts, evenals een brief van het Ministerie van Defensie waarin zijn ongeschiktheid voor militaire dienst in 1984 werd bevestigd. De bezwaarverzekeringsarts en verzekeringsarts concludeerden echter dat er onvoldoende objectieve medische gegevens waren die arbeidsongeschiktheid op die leeftijd aantoonden.
De Raad overwoog dat de ongeschiktverklaring voor militaire dienst niet automatisch arbeidsongeschiktheid in de zin van de AAW betekent, temeer omdat appellant daarna wel arbeid heeft verricht. De Raad erkende de ernstige jeugdtrauma's van appellant maar vond de medische onderbouwing voor arbeidsongeschiktheid op zijn 17e onvoldoende. Het feit dat appellant pas in 2007 een aanvraag deed, bracht risico's met zich mee voor het achterhalen van medische gegevens.
Daarom bevestigde de Raad het besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank dat appellant niet als jeugdgehandicapte in de zin van de AAW kan worden aangemerkt en geen recht heeft op een Wajong-uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering wegens ontbreken van arbeidsongeschiktheid op de 17e verjaardag.