ECLI:NL:CRVB:2010:BN5042
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- C. de Blaeij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag woonvoorzieningen na verhuizing naar niet adequate woning
Appellante vroeg op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg) verhuis- en herinrichtingskosten, een woonvoorziening voor stalling van een scootmobiel en het overzetten van woningaanpassingen. Zij was verhuisd van een aangepaste woning naar een woning die niet adequaat was voor haar beperkingen. Het College wees de aanvraag af omdat de verhuizing niet noodzakelijk was vanwege belemmeringen bij het normale gebruik van de oude woning.
Appellante voerde aan dat zij verhuisde vanwege pesterijen door buurtkinderen en om dichter bij familie te wonen. De Raad oordeelde dat deze redenen niet als belangrijke redenen in de zin van de Verordening konden worden aangemerkt. De oude woning was adequaat en de afstand tot familie was gering, terwijl professionele hulp via een alarmsysteem beschikbaar was.
Ook het beroep op de hardheidsclausule werd verworpen. Het feit dat het College appellante niet tijdig informeerde over de noodzaak van voorafgaande toestemming voor verhuizing, rechtvaardigde geen afwijking van de Verordening. De Raad bevestigde daarmee het besluit van het College en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de aanvraag woonvoorzieningen na verhuizing naar een niet adequate woning zonder geldige belangrijke reden.