ECLI:NL:CRVB:2010:BN3509
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- M.C. Bruning
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Minister past onjuist bijzonder tarief toe bij berekening afkoopsom Belastingdienst
Appellant, een ambtenaar die in 2006 van het UWV naar de Belastingdienst overging, kreeg een afkoopsom toegekend ter compensatie van negatieve effecten van inschaling. De minister stelde deze afkoopsom vast, maar gebruikte daarbij een onjuist bijzonder tarief van 42% in de bruto-netto berekening van de vakantietoeslag en eindejaarsuitkering.
De rechtbank verklaarde het beroep deels gegrond, maar wees het bezwaar tegen het besluit van januari 2006 af als niet-ontvankelijk. Appellant ging in hoger beroep en betwistte deze niet-ontvankelijkverklaring. De Raad stelde vast dat het bezwaar alleen betrekking had op het besluit van mei 2006 en vernietigde de uitspraak voor zover deze over het eerdere besluit ging.
De Raad oordeelde dat de minister terecht rekening hield met de CAO van het UWV en het BBRA zoals die golden op 1 januari 2006. Wel werd geoordeeld dat het bijzondere tarief van 52% moest worden toegepast op de vakantietoeslag en eindejaarsuitkering, omdat appellant die daadwerkelijk betaalde belasting verschuldigd was. Het beroep werd op dit punt gegrond verklaard en het besluit vernietigd.
Het verzoek van appellant om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werd afgewezen omdat de totale procedure binnen de redelijke termijn van vier jaar en twee maanden bleef. Ook het verzoek om herstel van fouten voor andere medewerkers werd niet ingewilligd omdat alleen appellant en de minister partij waren in deze procedure.
De Raad droeg de minister op een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het besluit van de minister wordt vernietigd vanwege onjuiste toepassing van het bijzondere tarief bij de berekening van de afkoopsom.