ECLI:NL:CRVB:2010:BN2488
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- M. Greebe
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering wegens gewijzigde arbeidsongeschiktheid na medisch en arbeidskundig onderzoek
Appellante, laatst werkzaam als oproepkracht assistent verpleeghulp, viel in 1991 uit wegens gewrichtsklachten en psychische problemen. Sinds 1992 ontving zij een WAO-uitkering van 80-100% arbeidsongeschiktheid. In 2007 trok het UWV deze uitkering in wegens vermindering van arbeidsongeschiktheid tot minder dan 15%.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond, waarbij de medische en arbeidskundige grondslagen als voldoende werden beoordeeld. Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar belastbaarheid werd overschat, onder meer door psychische klachten, fibromyalgie en allergieën, en dat het maatmaninkomen te laag was vastgesteld.
Na aanvullend onderzoek door arbeidsdeskundige Huisman stelde het UWV de arbeidsongeschiktheidsklasse bij naar 35-45%. De Raad oordeelde dat het eerdere besluit op medische gronden juist was, maar dat het beroep tegen het eerste besluit gegrond was omdat de rechtbank ten onrechte het besluit in stand had gelaten. Het beroep tegen het tweede besluit werd ongegrond verklaard vanwege onvoldoende onderbouwing van appellantes bezwaren.
De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van proceskosten en vergoedde het griffierecht aan appellante. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 16 juli 2010.
Uitkomst: Het beroep tegen het eerste besluit wordt gegrond verklaard en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond; het UWV wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.