ECLI:NL:CRVB:2010:BN0629
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.N.A. Bootsma
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende bewijs hoofdverblijf op opgegeven adres
Appellant heeft meerdere keren een aanvraag om bijstand ingediend, die telkens zijn afgewezen omdat hij niet kon aantonen dat hij woonachtig was op het door hem opgegeven adres. Na een nieuwe aanvraag op 7 december 2006 wees het College deze opnieuw af op grond van onvoldoende bewijs van hoofdverblijf.
De rechtbank Zutphen verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep heeft appellant betoogd dat hij wel aan de voorwaarden voldeed. De Raad oordeelt echter dat een enkele verklaring van appellant onvoldoende is om het hoofdverblijf aan te tonen.
Daarnaast heeft de Sociale Recherche Deventer observaties verricht bij het opgegeven adres, waaruit bleek dat appellant niet structureel aanwezig was. De Raad bevestigt daarom het besluit van het College en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Ook worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag van appellant wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van feitelijk verblijf op het opgegeven adres.