ECLI:NL:CRVB:2010:BM8871
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens te vroeg ingediend tegen indicatiebesluit AWBZ
Appellante diende op 31 maart 2008 een aanvraag in voor een indicatie op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Op 4 mei 2008 werd namens haar bezwaar gemaakt tegen deze aanvraag, terwijl op dat moment nog geen besluit door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) was genomen.
Het CIZ verklaarde het bezwaar bij besluit van 10 juni 2008 niet-ontvankelijk, omdat het bezwaar te vroeg was ingediend, conform artikel 6:10 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank Arnhem bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep tegen het besluit niet-ontvankelijk.
De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep van appellante ongegrond verklaard en zich volledig aangesloten bij het oordeel van de rechtbank. De Raad benadrukte dat appellante niet redelijkerwijs kon menen dat er op het moment van het bezwaar al een besluit was genomen. De latere intrekking van de aanvraag op 23 mei 2008 deed hieraan niet af, omdat deze intrekking na het indienen van het bezwaar plaatsvond.
De uitspraak werd mondeling gedaan op 19 mei 2010 door R.M. van Male, in aanwezigheid van griffier C. de Blaeij.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de indicatieaanvraag was te vroeg ingediend en daarom niet-ontvankelijk verklaard.