ECLI:NL:CRVB:2010:BM8439
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing UWV over geen toename arbeidsongeschiktheid per 30 augustus 2005
Appellante stelde in hoger beroep dat er sprake was van een onzorgvuldig verzekeringsgeneeskundig onderzoek en dat haar astmaklachten per 30 augustus 2005 waren toegenomen, waarbij eerdere zwangerschappen meer beperkingen hadden opgeleverd. Tevens voerde zij aan dat het UWV ten onrechte geen urenbeperking had opgelegd en dat trage besluitvorming haar in financiële problemen had gebracht.
De Raad overwoog dat hoewel de arts Asma niet als verzekeringsarts geregistreerd is, diens rapportage in het kader van de Ziektewet mocht worden betrokken. Er was geen bewijs dat het rapport onzorgvuldig tot stand was gekomen. De informatie van de behandelende sector bood geen aanwijzingen dat de gezondheidssituatie van appellante onjuist was ingeschat. De verzekeringsarts had gemotiveerd waarom er geen toename van arbeidsongeschiktheid was per 30 augustus 2005 en waarom de wachttijd niet was voltooid.
Verder oordeelde de Raad dat er geen medische gronden waren voor een urenbeperking en onderschreef de eerdere overwegingen dat het UWV adequaat had gereageerd op de ziekmelding. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de beslissing van het UWV wordt bevestigd.