ECLI:NL:CRVB:2010:BM7461
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- H.C.P. Venema
- M.I. ‘t Hooft
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring bezwaar tegen informatieve brief over arbeidsintegratieonderzoek
Appellant ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam stuurde appellant een brief van 24 september 2008 waarin werd meegedeeld dat een nieuw onderzoek naar arbeidsintegratie zal plaatsvinden en dat appellant daaraan moet meewerken. Tevens werd gewaarschuwd voor mogelijke gevolgen bij niet-meewerken.
Appellant maakte bezwaar tegen deze brief, stellende dat deze wel rechtsgevolgen had en dus een besluit was. Het College verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief van informatieve aard was en geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank Amsterdam bevestigde dit standpunt en verklaarde het beroep ongegrond. Appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. Deze Raad oordeelde dat de brief slechts een herinnering was aan de reeds bestaande verplichtingen uit artikel 9 van Pro de WWB en geen wijziging in de rechtspositie inhield. Daarom was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard en werd de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
De Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en sprak de beslissing uit in het openbaar op 8 juni 2010.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de informatieve brief is terecht niet-ontvankelijk verklaard omdat de brief geen besluit met rechtsgevolgen is.