ECLI:NL:CRVB:2010:BM7196
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante stelde in hoger beroep dat haar beperkingen ernstiger waren dan door het UWV vastgesteld en dat de informatie van haar huisarts onvoldoende was meegewogen. De rechtbank had het beroep van appellante ongegrond verklaard en de Raad onderschrijft deze overwegingen volledig.
De Raad constateert dat de bezwaarverzekeringsarts de informatie van de huisarts niet heeft miskend en dat uit deze informatie niet blijkt dat appellante niet in staat zou zijn tot werkzaamheden. Appellante bracht geen nieuwe medische gegevens aan die het oordeel van onderschatting van haar beperkingen ondersteunen.
De medische rapporten die appellante tijdens de zitting overlegde, hadden bovendien geen betrekking op de datum waarop de beoordeling plaatsvond. Daarom is het hoger beroep ongegrond en wordt de intrekking van de WAO-uitkering per 7 augustus 2007 bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 7 augustus 2007 wordt bevestigd.