ECLI:NL:CRVB:2010:BM6811
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning WGA-uitkering ondanks betwisting medische beperkingen
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV waarin zijn WGA-uitkering werd vastgesteld op basis van een arbeidsongeschiktheid van ongeveer 46%. Hij stelde dat zijn medische beperkingen, met name de pijnklachten aan schouder en rug, onvoldoende waren meegenomen in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
De rechtbank vernietigde het besluit van 10 juni 2008 vanwege onvoldoende toelichting op de geschiktheid van de aan appellant voorgehouden functies, maar liet de rechtsgevolgen in stand. In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep werd de medische beoordeling door de bezwaarverzekeringsarts bevestigd, mede ondersteund door de eigen medisch adviseur van appellant.
De Raad oordeelde dat de subjectieve klachtenbeleving niet doorslaggevend kan zijn bij het bepalen van de arbeidsbeperkingen en dat de bezwaararbeidsdeskundige de geschiktheid van de functies voldoende had toegelicht. De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.