ECLI:NL:CRVB:2010:BM6001
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Geen recht op IVA-uitkering maar op WGA-uitkering wegens benutbare arbeidsmogelijkheden
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV waarin werd vastgesteld dat hij recht heeft op een WGA-uitkering en niet op een IVA-uitkering. De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak.
De medische beperkingen en functionele mogelijkheden van appellant zijn vastgesteld door een bezwaarverzekeringsarts en vastgelegd in een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). Uit het onderzoek blijkt dat appellant in staat is om bepaalde functies, zoals productiemedewerker papier, magazijnmedewerker en huishoudelijk medewerker, te vervullen.
De Raad oordeelt dat appellant met zijn beperkingen loonvormende arbeid kan verrichten met een loonopbrengst van meer dan 20% van het maatmaninkomen per uur, waardoor geen sprake is van volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn in de zin van de Wet WIA. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Appellant heeft geen recht op een IVA-uitkering maar op een WGA-uitkering wegens benutbare arbeidsmogelijkheden.