ECLI:NL:CRVB:2010:BL9560
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag buitengewoon pensioen wegens ontbreken van daadwerkelijk verzet tijdens Japanse bezetting
Appellante heeft een aanvraag ingediend om haar overleden echtgenoot te erkennen als deelnemer aan het verzet in de zin van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet en om haar als weduwe een buitengewoon pensioen toe te kennen. Betrokkene werd geëxecuteerd door de Japanse bezetter op verdenking van deelname aan een illegale samenzwering, bekend als de 'Haga-affaire'.
De Stichting Pelita voerde een onderzoek uit en concludeerde dat betrokkene niet tot de verzetsdeelnemers behoorde omdat er geen aanwijzingen waren voor daadwerkelijk verrichte verzetsactiviteiten. De executie was gebaseerd op vermoedens en afgedwongen bekentenissen, niet op bewezen verzet. Verweerster handhaafde de afwijzing van de aanvraag.
De Raad overwoog dat gevangenschap of overlijden op verdenking van verzet onvoldoende is voor erkenning als verzetsdeelnemer. De feiten rondom de Haga-affaire tonen geen daadwerkelijke verzetsactiviteiten aan. De Raad achtte het onderzoek zorgvuldig en kon zich vinden in de zienswijze dat betrokkene niet als verzetsdeelnemer kan worden aangemerkt.
Daarom kon appellante geen aanspraak maken op het buitengewoon pensioen en werd het beroep ongegrond verklaard. De Raad kende ook geen proceskostenvergoeding toe.
Uitkomst: De aanvraag om erkenning als verzetsdeelnemer en toekenning van een buitengewoon pensioen werd afgewezen wegens ontbreken van bewijs voor daadwerkelijk verzet.