ECLI:NL:CRVB:2010:BL9540
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening buitengewoon pensioen op grond van nieuwe feiten
Appellant heeft verzocht om herziening van een besluit uit 1975 waarbij hem een buitengewoon pensioen werd toegekend met ingang van 1 september 1973. Hij stelde dat zijn echtgenote direct na de oorlog een pensioenaanvraag had geprobeerd te doen en dat hij al vanaf 1947 invalide was, maar nooit reactie kreeg op eerdere verzoeken om herziening.
De Raad overwoog dat de bevoegdheid tot herziening discretionair is en dat eerdere verzoeken reeds waren afgewezen. Er moet sprake zijn van nieuwe, niet eerder bekende feiten die het besluit in een ander licht stellen om tot herziening te kunnen overgaan.
Uit het dossier bleek dat het wegvallen van het werk van de echtgenote in 1970 de aanleiding was voor de pensioenaanvraag en dat appellant in 1973 had verklaard niet eerder contact te hebben gehad met de Stichting 1940-1945. Dit strookte niet met zijn stellingen.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit niet in rechte kan worden aangetast en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek tot herziening van het buitengewoon pensioen wordt ongegrond verklaard.