ECLI:NL:CRVB:2010:BL8947
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen brief over mantelzorgcompliment
Appellante, vertegenwoordigd door haar zoon, stelde bezwaar tegen een brief van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) waarin werd meegedeeld dat zij wegens een indicatie voor verblijf niet in aanmerking komt voor een mantelzorgcompliment. Het CIZ verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bevatte.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep voerde appellante aan dat het onderscheid tussen indicaties voor en na 1 april 2007 en tussen extramurale en intramurale zorg verboden discriminatie inhoudt.
De Raad oordeelt dat het de taak van het CIZ is om zorg te indiceren en relevante gegevens te verstrekken aan de Sociale verzekeringsbank (Svb), die de mantelzorgcomplimenten toekent. De brief van het CIZ bevatte slechts voorlichting en geen besluit gericht op rechtsgevolg, zodat het bezwaar niet-ontvankelijk was.
De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en laat de besluiten van de Svb buiten beschouwing, omdat deze een andere grondslag en reikwijdte hebben. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de brief van het CIZ geen besluit is en verklaart het bezwaar niet-ontvankelijk.