ECLI:NL:CRVB:2010:BL6165
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting over woonadres
Appellante ontving sinds 1991 bijstand en werd verdacht van niet wonen op de opgegeven adressen. Na onderzoek door Sociale Recherche Twente trok het College de bijstand in over de periode 1997-2005 en vorderde de kosten terug wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank een te lange periode van intrekking heeft betrokken en vernietigt het vonnis. De Raad bevestigt dat appellante onjuiste informatie gaf over haar woonadres, waardoor het recht op bijstand niet vastgesteld kon worden.
De Raad handhaaft het besluit van het College tot intrekking en terugvordering over de juiste periode en wijst het beroep af. Appellante’s beroep op analfabetisme en hulp bij invullen formulieren faalt omdat de verantwoordelijkheid bij haar blijft. De Raad bepaalt dat het College terecht heeft gehandeld en vergoedt het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd wegens een te lange beoordelingsperiode.