ECLI:NL:CRVB:2010:BL4037
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging tegemoetkoming bovenregionaal vervoer Wmo
Appellante ontving sinds 1998 een tegemoetkoming in de kosten van bovenregionaal vervoer op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg). In 2007 besloot het College deze tegemoetkoming gefaseerd te halveren en uiteindelijk te beëindigen, waarbij het College zich baseerde op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, stellende dat het College onvoldoende onderzoek had verricht naar haar vervoersbehoefte, met name voor het bezoeken van een AWBZ-instelling en medische behandelingen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank ten onrechte het besluit op de Wvg baseerde in plaats van op de Wmo en dat het College onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de feitelijke omstandigheden van appellante. De Raad benadrukt dat het College een zorgvuldige en op maat gesneden beoordeling moet maken van de beperkingen van appellante en haar behoefte aan compensatie volgens artikel 4 van Pro de Wmo.
De Raad vernietigt daarom het besluit van 3 december 2007 en de uitspraak van de rechtbank, en beveelt het College binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens wordt het College veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de tegemoetkoming in de kosten van bovenregionaal vervoer wordt vernietigd en het College moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen.