ECLI:NL:CRVB:2010:BL3663
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kinderbijslag na late aanvraag ondanks eerdere verzekering
Appellant, woonachtig in Marokko sinds 1997 en sinds 1996 WAO-uitkeringsgerechtigd, diende in 2007 een aanvraag in voor kinderbijslag over het vierde kwartaal van 1999 en daarna. De Sociale verzekeringsbank (Svb) weigerde dit omdat appellant niet meer verzekerd was krachtens de Algemene Kinderbijslagwet (AKW) vanaf 1 januari 2000, aangezien hij destijds geen recht had op kinderbijslag en dit recht niet had veiliggesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad overwoog dat het recht op kinderbijslag niet herleeft indien het niet tijdig is veiliggesteld, conform artikel 27 van Pro het Besluit uitbreiding en beperking kring volksverzekeringen 1999 (KB 746) en artikel 7c van de AKW. De Raad stelde vast dat de zinsnede "recht had op kinderbijslag" in artikel 27 KB Pro 746 tweeërlei uitleg kan hebben, maar bevestigde de uitleg van de Svb dat daadwerkelijk toekenning van kinderbijslag vereist is.
De Raad concludeerde dat appellant, die pas in 2007 een aanvraag indiende en niet eerder zijn recht had veiliggesteld, geen aanspraak kan maken op kinderbijslag over het vierde kwartaal van 1999 of de daaropvolgende kwartalen. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en er worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van kinderbijslag wegens te late aanvraag en niet veiliggesteld recht.