ECLI:NL:CRVB:2010:BL3173
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- A.B.J. van der Ham
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek kwijtschelding betalingsverplichting bijstandsschuld
Appellante ontving aanvullende bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en had een betalingsregeling getroffen voor openstaande vorderingen die waren ontstaan door het niet nakomen van de inlichtingenverplichting. Het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam wees haar verzoek om kwijtschelding van de resterende schuld af, omdat zij niet gedurende tien jaar volledig aan haar aflossingsverplichtingen had voldaan, een voorwaarde voor kwijtschelding.
Appellante had volgens administratieve rapporten vanaf 1 januari 1997 slechts 83 tot 110 termijnen betaald, met achterstallige betalingen van enkele duizenden euro's. Ondanks haar stelling dat zij correct had afgelost, kon zij dit niet met stukken onderbouwen. Ook haar argument dat ziekte tot achterstanden had geleid, overtuigde de Raad niet.
De rechtbank had het beroep tegen het Collegebesluit ongegrond verklaard, en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak. De Raad wees erop dat appellante het aflossingsbedrag inmiddels had laten verlagen en dat zij vrij was om opnieuw een verzoek tot aanpassing in te dienen. Er was geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 12 januari 2010.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om kwijtschelding afgewezen wegens niet voldoen aan de betalingsverplichting gedurende tien jaar.