ECLI:NL:CRVB:2010:BL0838
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- J.N.A. Bootsma
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Herziening en vaststelling zorgindicaties voor persoonlijke verzorging, verpleging en huishoudelijke verzorging
Appellante, lijdend aan het syndroom van Marfan en volledig rolstoelafhankelijk, was geïndiceerd voor persoonlijke verzorging, verpleging en huishoudelijke verzorging op grond van de AWBZ. Na diverse besluiten en bezwaren stelde het CIZ indicaties vast die appellante betwistte wegens onvoldoende motivering.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad constateerde dat het CIZ niet duidelijk had gemotiveerd hoe de indicaties waren berekend, noch de mate van mantelzorg door de echtgenoot en de uitruil tussen gebruikelijke zorg en mantelzorg.
De Raad besloot daarom zelf de indicaties vast te stellen op basis van beschikbare gegevens, het Werkdocument en het Handboek. Hierbij werd rekening gehouden met de zorgbehoefte, de bijdrage van de echtgenoot en de normtijden voor huishoudelijke taken. De Raad vernietigde de eerdere besluiten en stelde nieuwe indicaties vast voor de gehele periode in geschil.
Daarnaast veroordeelde de Raad het CIZ in de proceskosten van appellante en bepaalde dat het betaalde griffierecht wordt vergoed. De uitspraak vervangt de eerdere besluiten en zorgt voor een finale regeling van de zorgindicaties.
Uitkomst: De Raad vernietigt eerdere besluiten en stelt nieuwe indicaties vast voor persoonlijke verzorging, verpleging en huishoudelijke verzorging.