ECLI:NL:CRVB:2010:BL0092
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang na verhuizing
Appellant ontving vanaf oktober 2006 een bijstandsuitkering op grond van de WWB van de gemeente Groningen en was op medische gronden vrijgesteld van arbeidsverplichtingen. Hij verzocht het College om ontheffing van de verplichting om maandverklaringen in te vullen en in te leveren, maar dit verzoek werd afgewezen omdat hij hulp van derden kon krijgen.
Het College verklaarde het bezwaar tegen dit besluit ongegrond en de rechtbank bevestigde dit in haar uitspraak. Appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep, maar inmiddels was hij per 15 november 2007 verhuisd naar een andere gemeente, waardoor hij geen recht meer had op bijstand van Groningen.
De Raad oordeelde dat appellant geen procesbelang meer had omdat het beoogde resultaat van het hoger beroep, ontheffing van de maandverklaringen, geen feitelijke betekenis meer had. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na verhuizing.