ECLI:NL:CRVB:2010:BL0085
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit Uwv tot beëindiging ziekengeld wegens arbeidsgeschiktheid
Appellant, voormalig cateringmedewerker, meldde zich op 13 augustus 2007 ziek vanwege hoofdpijn- en nek- en schouderklachten. Het Uwv kende hem een uitkering op grond van de Ziektewet toe. Na onderzoek door arts Stepinsky op 25 september 2007 werd geconcludeerd dat appellant per 3 oktober 2007 volledig arbeidsgeschikt was. Het Uwv beëindigde daarop het ziekengeld.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar de bezwaarverzekeringsarts Brouwer concludeerde op 7 februari 2008 dat er geen medische reden was om appellant niet als arbeidsgeschikt te beschouwen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat er voldoende medische gegevens waren om het oordeel te onderbouwen en appellant geen nadere medische informatie had overgelegd.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn klachten en stelde dat zijn hoofdpijn en psychische klachten hem verhinderen te werken. De Raad onderschreef echter de eerdere conclusies, waarbij de neuroloog geen verklaring voor de hoofdpijn vond en de spanningshoofdpijn geen reden was om niet te werken. De Raad zag geen aanleiding om aan de juistheid van de medische bevindingen te twijfelen en bevestigde het besluit van het Uwv.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit van het Uwv tot beëindiging van het ziekengeld per 3 oktober 2007 wordt bevestigd.