ECLI:NL:CRVB:2010:BK9205
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- C.P.J. Goorden
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek zonder urenbeperking
Appellante, sinds 1997 arbeidsongeschikt verklaard met een WAO-uitkering, werd in 2007 herbeoordeeld op basis van een medisch onderzoek door verzekeringsarts Hellemons. Deze concludeerde dat zij arbeid kon verrichten binnen de beperkingen van de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML), zonder urenbeperking. Op grond hiervan trok het Uwv haar WAO-uitkering per 26 juli 2007 in.
In de bezwaarprocedure en de daaropvolgende rechtszaak werd het besluit van het Uwv bevestigd. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen van appellante passend waren gemotiveerd. Appellante voerde in hoger beroep aan dat een eerdere urenbeperking uit 2003 nog steeds van toepassing zou zijn, maar kon dit niet met actuele medische gegevens onderbouwen.
De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat de medische rapportages inzichtelijk en overtuigend waren en dat er geen nieuwe medische gronden waren om de urenbeperking te handhaven. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering omdat geen medische gronden voor een urenbeperking zijn vastgesteld.