ECLI:NL:CRVB:2010:BK8599
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugvorderingsbesluit Ziektewet en toewijzing proceskosten
Appellant maakte bezwaar tegen een terugvordering van onverschuldigd betaalde Ziektewet-uitkering over de periode van 29 augustus 2005 tot 25 december 2005. Het UWV had een bedrag van € 5842,50 teruggevorderd, maar verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat de terugvordering geheel moest worden afgewezen of gematigd. Tijdens het hoger beroep matigde het UWV de terugvordering tot € 4532,27 netto, waarmee het bezwaar alsnog werd gegrond verklaard. De Raad stelde vast dat hiermee volledig tegemoet was gekomen aan de bezwaren van appellant, waardoor het belang bij verdere beoordeling van het besluit verviel.
Appellant had daarnaast een verzoek om schadevergoeding ingediend op grond van artikel 8:73 Awb Pro, maar dit verzoek werd afgewezen wegens gebrek aan nadere toelichting. De Raad vernietigde de eerdere uitspraak en het bestreden besluit, verklaarde het beroep gegrond, en veroordeelde het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het terugvorderingsbesluit vernietigd en het UWV veroordeeld in proceskosten.