ECLI:NL:CRVB:2009:BL0186
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Weigering periodieke uitkering wegens ontbreken verminderd verdienvermogen ondanks psychische klachten
Appellant, geboren in 1940, had een aanvraag ingediend voor een periodieke uitkering op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945. Hoewel hij psychische klachten had die redelijkerwijs gerelateerd konden worden aan het overlijden van zijn vader tijdens de oorlog, werd de uitkering geweigerd omdat deze klachten niet hadden geleid tot verminderd verdienvermogen en appellant niet werkte tot schade van zijn gezondheid.
De Raad stelde vast dat appellant nog steeds aanspraak had op 50% van de winst van de Vennootschap onder Firma waarin hij deelgenoot was. Hoewel appellant niet de helft van de werkzaamheden verrichtte, had zijn zakenpartner dit geaccepteerd, waardoor er geen sprake was van werken tot schade van de gezondheid. De wijziging in de situatie van de zakenpartner vond plaats na het bestreden besluit en was daarom niet relevant.
Na het horen van getuigen en een psychiater concludeerde de Raad dat het besluit van verweerster rechtmatig was en dat het beroep ongegrond moest worden verklaard. Er werd ook geen vergoeding van proceskosten toegekend. De uitspraak werd gedaan op 31 december 2009 door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de periodieke uitkering wordt ongegrond verklaard omdat appellant het gebruikelijke inkomen uit zijn bedrijf kon blijven verdienen.