ECLI:NL:CRVB:2009:BK8319
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op ziekengeld na herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellant was werkzaam als inpakker en meldde zich ziek met diverse klachten. Na medisch onderzoek door een verzekeringsarts en een bezwaarverzekeringsarts werd hij per 5 februari 2008 hersteld verklaard en werd het recht op ziekengeld ingetrokken. Appellant maakte bezwaar en beroep tegen dit besluit, maar de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond na beoordeling van medische gegevens, waaronder een brief van de huisarts.
In hoger beroep voerde appellant opnieuw aan dat zijn psychische klachten, nierproblemen en slapeloosheid hem verhinderen de maatstaf arbeid te verrichten. De Centrale Raad van Beroep onderschreef echter het oordeel van de rechtbank en zag geen aanleiding tot een ander oordeel, mede omdat appellant geen nieuwe medische gegevens aanleverde.
De Raad concludeerde dat appellant sinds 5 februari 2008 niet ongeschikt is voor de maatstaf arbeid en bevestigde de eerdere uitspraak. Er werden geen proceskosten opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 23 december 2009.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant sinds 5 februari 2008 geen recht meer heeft op ziekengeld omdat hij niet ongeschikt is voor de maatstaf arbeid.