ECLI:NL:CRVB:2009:BK8283
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging rechtbankuitspraak wegens onjuiste toepassing artikel 8:72 lid 4 Awb in Wajong-uitkeringszaak
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tegen een uitspraak van de rechtbank die het besluit van 8 augustus 2008 inzake de afwijzing van een Wajong-uitkering vernietigde en het eerdere besluit van 12 maart 2008 herriep. De rechtbank droeg appellant op een nieuwe beslissing te nemen op de aanvraag.
Appellant betoogde dat de rechtbank slechts het bestreden besluit had moeten vernietigen en een nieuwe beslissing op het bezwaar had moeten opdragen, omdat het bezwaar bedoeld is om een tekortschietende motivering te herstellen. Betrokkene stemde hiermee in.
De Centrale Raad oordeelde dat de rechtbank artikel 8:72, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht onjuist had toegepast door het besluit van 12 maart 2008 te herroepen. Dit draagt niet bij aan finale geschilbeslechting omdat appellant nog steeds een beslissing moet nemen. De Raad vernietigde daarom het deel van de uitspraak waarin het besluit van 12 maart 2008 werd herroepen en beval appellant een nieuwe beslissing te nemen op het bezwaar.
Daarnaast veroordeelde de Raad appellant in de proceskosten van betrokkene voor het hoger beroep, vastgesteld op € 322,00. Betrokkene verklaarde zich bereid mee te werken aan een verzekeringsgeneeskundig onderzoek in het kader van de nieuwe beslissing.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd voor zover het eerdere besluit werd herroepen en appellant wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen op het bezwaar.