ECLI:NL:CRVB:2009:BK8236
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op ziekengeld na zorgvuldig verzekeringsgeneeskundig onderzoek
Appellante, werkzaam als leidster op een kinderdagverblijf, meldde zich ziek met chronische vermoeidheidsklachten. Het UWV besloot haar vanaf 23 juli 2007 geen recht meer op ziekengeld toe te kennen, een besluit dat later deels werd herroepen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek onzorgvuldig was, omdat er geen informatie was opgevraagd bij haar behandelende artsen en zij een onafhankelijk deskundigenonderzoek wenste. De Raad oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was, mede omdat de huisarts geen aanleiding zag tot verwijzing naar specialisten en er geen afwijkingen werden gevonden behalve een ijzertekort en een spoortje van Pfeiffer.
De Raad wees ook het verzoek tot inschakeling van een deskundige af, aangezien dit reeds eerder was afgewezen en er geen nieuwe feiten waren die dit rechtvaardigden. Tevens werd bevestigd dat het verzekeringsgeneeskundig protocol CVS niet van toepassing is bij de beoordeling in het kader van de Ziektewet.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee de eerdere uitspraak en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante geen recht meer heeft op ziekengeld vanaf 23 juli 2007.