ECLI:NL:CRVB:2009:BK0682
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.G. Rottier
- J.Th. Wolleswinkel
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens onvoldoende onderbouwing misstanden op werkvloer
Appellante was sinds 1998 werkzaam als penitentiair inrichtingswerker en vanaf 2002 als teamleider complexbeveiliging. Zij ervoer problemen met collega’s en leidinggevenden, waaronder een vrouwonvriendelijke cultuur, bedreigingen, intimidaties en valse beschuldigingen. Na gesprekken met leidinggevenden volgde een periode van ziekte en buitengewoon verlof, waarna zij in 2006 werd overgeplaatst naar een andere functie.
Appellante vorderde schadevergoeding wegens de ervaren misstanden en het verlies van haar leidinggevende functie. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond vanwege onvoldoende onderbouwing van de schade en de gedragingen waarop dit gebaseerd zou zijn. In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten, waarbij zij stelde dat haar gevoelens en ervaringen de basis vormen voor haar vordering.
De Raad overweegt dat de gestelde misstanden niet met concrete voorbeelden zijn onderbouwd en dat gevoelens van appellante onvoldoende zijn om aansprakelijkheid van de minister aan te tonen. Het verzoek om schadevergoeding wordt daarom afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van de gestelde misstanden en schade.