ECLI:NL:CRVB:2009:BJ8449
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering WAO-uitkering en heropening onderzoek schadevergoeding redelijke termijn
Appellante verzocht om een WAO-uitkering, die door het Uwv werd geweigerd op basis van medische en arbeidskundige gronden. Na bezwaar en beroep handhaafde het Uwv het besluit, waarna de rechtbank het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn afwees.
In hoger beroep betoogde appellante dat haar beperkingen waren onderschat en dat de redelijke termijn was overschreden. De Raad oordeelde dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd was, mede door nieuwe medische rapportages in hoger beroep, en vernietigde het besluit. De rechtsgevolgen van het besluit blijven echter in stand.
De Raad stelde vast dat de totale duur van de procedure de redelijke termijn had overschreden, zowel in de bestuurlijke als in de rechterlijke fase. De rechtbank had dit moeten onderkennen en het verzoek om schadevergoeding niet zonder nader onderzoek mogen afwijzen. Daarom werd het onderzoek naar de schadevergoeding heropend, waarbij ook de Staat der Nederlanden als partij werd betrokken.
Tot slot veroordeelde de Raad het Uwv in de proceskosten van appellante en bepaalde dat het griffierecht aan haar wordt vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het onderzoek naar schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn wordt heropend.