ECLI:NL:CRVB:2009:BJ8147
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting medische beperkingen
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering te herzien van een arbeidsongeschiktheid van 80-100% naar 25-35%, met ingang van 10 januari 2007. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en oordeelde dat de medische beperkingen van appellant niet waren onderschat. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het UWV onvoldoende rekening hield met zijn medische situatie en dat hij niet in staat zou zijn tot fulltime arbeid.
De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep behandeld en concludeert, anders dan appellant, dat er geen grond bestaat om te twijfelen aan de door het UWV vastgestelde medische beperkingen. Uit nadere medische stukken blijkt dat appellant na de datum van het besluit een psychotherapeutische behandeling is gestart wegens verergering van psychische klachten, maar deze nieuwe gegevens werpen geen nieuw licht op de eerdere rapportage waarop het besluit is gebaseerd.
De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Tevens is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door I.M.J. Hilhorst-Hagen en uitgesproken in het openbaar op 18 september 2009.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot herziening van de WAO-uitkering en wijst het hoger beroep af.