ECLI:NL:CRVB:2009:BJ8135
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om geen WIA-uitkering toe te kennen, omdat zijn arbeidsongeschiktheid minder dan 35% werd vastgesteld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep betwist appellant de arbeidskundige beoordeling, met name de uitleg van de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) door de bezwaararbeidskundige.
De Raad stelt vast dat het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS) als aanvaardbaar hulpmiddel geldt voor de arbeidsongeschiktheidsbeoordeling. De arbeidsdeskundige heeft een selectie gemaakt van functies passend binnen de beperkingen van de FML. Hoewel er enkele signaleringen met een “G” en een “M” zijn, zijn deze volgens de Raad geen overschrijdingen die beperkingen veroorzaken. De bezwaararbeidskundige heeft dit gemotiveerd toegelicht.
De Raad concludeert dat de arbeidskundige beoordeling niet minder vergaand is dan de beperkingen vastgesteld door de verzekeringsarts. Daarom wordt het bestreden besluit bevestigd en het beroep ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.