ECLI:NL:CRVB:2009:BJ8013
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging intrekking WAO-uitkering bij voldoende medische grondslag
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het Uwv om zijn WAO-uitkering per 30 januari 2007 in te trekken wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid. De rechtbank vernietigde dit besluit omdat de arbeidskundige onderbouwing ontbrak, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit intact. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak.
De Raad oordeelde dat het Uwv terecht het besluit baseerde op het rapport van de bezwaarverzekeringsarts, die beschikte over uitgebreide medische informatie van de behandelend artsen van appellant. De medische situatie en beperkingen van appellant, waaronder vermoeidheids- en allergieklachten, waren adequaat beoordeeld. Het standpunt van appellant dat hij de functies niet kon vervullen, werd niet gevolgd omdat deze functies geen belastingen bevatten die de functionele mogelijkheden van appellant overschrijden.
De Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Roermond. Hiermee blijft de intrekking van de WAO-uitkering in stand, ondanks de vernietiging van het besluit zelf.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het besluit, maar laat de rechtsgevolgen van de intrekking van de WAO-uitkering volledig in stand.