ECLI:NL:CRVB:2009:BJ7860
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R. Kooper
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terugkomen op afwijzing bijstandsaanvraag wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant diende op 28 augustus 2000 een bijstandsaanvraag in die op 26 september 2000 werd afgewezen omdat hij niet rechtmatig in Nederland verbleef. Na bezwaar en beroep werd deze afwijzing door de Raad bevestigd in 2003. In 2006 verzocht appellant het College om herziening van het besluit, waarbij hij stelde dat hij in de relevante periode geen inkomsten had en in erbarmelijke omstandigheden verkeerde. Het College wees dit verzoek af omdat er geen relevante nieuwe feiten waren die een herziening rechtvaardigden.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij moest leven van geleend geld en overlegde verklaringen van schuldbekentenissen. De Raad oordeelde echter dat het verkrijgen van een verblijfsvergunning met terugwerkende kracht weliswaar een nieuw feit was, maar dat dit niet voldoende was om terug te komen op het oorspronkelijke besluit. Bovendien was niet aannemelijk gemaakt dat appellant niet in zijn noodzakelijke bestaanskosten kon voorzien.
De Raad benadrukte dat het oorspronkelijke besluit zich strikt beperkte tot de periode van de aanvraag tot het besluit en dat appellant in die periode onregelmatig inkomsten uit arbeid had ontvangen. Het College had daarom bevoegd en redelijk gehandeld door het verzoek af te wijzen. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering van het College om terug te komen op het besluit tot afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd.