ECLI:NL:CRVB:2009:BJ7726
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R. Kooper
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor terugbetaling onterechte ziektekostenvergoeding
Appellant diende een aanvraag in voor bijzondere bijstand ter terugbetaling van een bedrag van €3.931,77 dat hij aan AGIS Zorgverzekeringen moest terugbetalen wegens onterechte vergoedingen van ziektekosten over de periode 20 mei 2003 tot 4 juli 2003.
Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam wees de aanvraag af omdat appellant na het ontstaan van de schuld beschikte over middelen om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien, en er geen sprake was van een bedreigende schuld of zeer dringende redenen voor bijstand. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze beslissing. De Raad oordeelde dat artikel 13, eerste lid, aanhef en onder f, van de WWB de verlening van bijzondere bijstand aan appellant in de weg staat, mede omdat hij geruime tijd opnieuw bijstand heeft ontvangen. Tevens was er geen sprake van een bedreigende schuld zoals omschreven in de werkvoorschriften en ontbraken zeer dringende redenen in de zin van artikel 49, aanhef en onder b, van de WWB.
De Raad verwierp het argument dat het leven van appellant van een WWB-uitkering en de buiten zijn schuld ontstane schuld aanleiding gaf tot bijstand. Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De aanvraag om bijzondere bijstand voor terugbetaling van onterechte ziektekostenvergoeding is afgewezen.