ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5004
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wegens ontbreken verband schizofrenie met oorlogsgeweld
Appellante, geboren in 1938 in het voormalige Nederlands-Indië, heeft meerdere keren verzocht om erkenning als burger-oorlogsslachtoffer en toekenning van een periodieke uitkering op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945. Deze verzoeken zijn telkens afgewezen omdat medisch is vastgesteld dat haar schizofrenie niet het gevolg is van oorlogsgeweld maar een endogene oorzaak heeft.
In november 2006 diende appellante een herzieningsverzoek in, waarbij zij opnieuw stelde dat haar psychische klachten verband houden met oorlogsgeweld. De Pensioen- en Uitkeringsraad handhaafde haar afwijzing, stellende dat er geen medische gegevens zijn die een nieuw verband aantonen en dat er geen sprake is van een PTSS-beeld.
De Raad toetst het besluit terughoudend vanwege de discretionaire bevoegdheid tot herziening en concludeert dat appellante geen nieuwe feiten of medische gegevens heeft ingebracht die aanleiding geven het eerdere oordeel te herzien. Ook het standpunt dat er geen PTSS is, wordt door de Raad bevestigd op basis van medisch advies. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wordt bevestigd.