ECLI:NL:CRVB:2009:BJ2470
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering bijstand wegens handel in auto's met onduidelijke transacties
Appellanten ontvingen bijstand over verschillende perioden tussen 1999 en 2005. Het College stelde na onderzoek dat appellanten handel dreven in auto's die op hun naam stonden, maar onvoldoende duidelijkheid gaven over herkomst, financiering en verkoop, waardoor bijstand werd ingetrokken en teruggevorderd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat niet in alle maanden sprake was van handel in auto's. De Raad stelt vast dat appellanten niet aan hun inlichtingenverplichting voldeden, maar dat het College niet bevoegd was de bijstand over februari 2000 en september 2003 in te trekken en terug te vorderen.
De Raad vernietigt het besluit van 8 november 2007 en het eerdere besluit van 23 maart 2006 voor zover deze betrekking hebben op genoemde maanden. Tevens wordt het College veroordeeld in de proceskosten en opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand over februari 2000 en september 2003 wordt vernietigd en het College wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.