ECLI:NL:CRVB:2009:BJ2152
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- L.J.A. Damen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling
Appellante, die sinds 1998 arbeidsongeschikt is wegens spier-, gewrichts- en psychische klachten, kreeg haar WAO-uitkering ingetrokken per 10 februari 2005 na een herbeoordeling op basis van het aangescherpte Schattingsbesluit. De medische en arbeidskundige rapportages concludeerden dat zij passende functies kon vervullen, ondanks beperkingen.
In bezwaar en beroep stelde appellante dat haar beperkingen waren onderschat en dat de arbeidskundige beoordeling onvoldoende was. Diverse deskundigen, waaronder een door de rechtbank ingeschakelde psychiater en artsen, bevestigden echter de vastgestelde beperkingen en de geschiktheid voor de geselecteerde functies. Het verzoek om aanvullend onderzoek door een reumatoloog werd afgewezen.
De Raad oordeelt dat de medische en arbeidskundige grondslagen standhouden en dat het beroep op schending van artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM faalt. Er zijn geen feiten die wijzen op een individuele en buitensporige last door toepassing van het Schattingsbesluit. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.